Persoonlijke ongevallenverzekering van Nationale-Nederlanden
De persoonlijke ongevallenverzekering van Nationale-Nederlanden keert uit als de verzekerde ten gevolge van een ongeval lichamelijk letsel heeft opgelopen. Onder ‘ongeval' verstaat Nationale-Nederlanden ook: vergiftiging (maar niet door medicijnen); besmetting nadat de verzekerde per ongeluk in het water terechtgekomen is; ook besmetting na een poging iemand uit het water te redden is gedekt; letsel ontstaan doordat ogen, oren of luchtwegen in contact zijn geweest met een voorwerp of een bijtende stof; verstikking, verdrinking, bevriezing, zonnesteek en hitteberoerte; letsel als gevolg van uitputting, gebrek aan voedsel of drinken en blootstelling aan de zon door onvoorziene omstandigheden; wondinfectie of bloedvergiftiging; complicaties of verergering van het letsel na verkeerd verleende eerste hulp of medische behandeling. Uitkering bij invaliditeit Bij het afsluiten van de polis zijn verzekerde en verzekeraar een maximumbedrag overeengekomen dat de verzekerde uitgekeerd krijgt bij blijvende invaliditeit. Raakt de verzekerde blijvend invalide, dan kijkt Nationale-Nederlanden voor welk percentage hij invalide is geworden. Dat is ook het percentage van de maximumuitkering waarop hij recht heeft. Voor het verlies van een lichaamsdeel hanteert Nationale-Nederlanden vaste percentages. Zo krijgt iemand: bij totale blindheid 100 procent; bij verlies van één oog 30 procent; bij totale doofheid 60 procent; bij verlies van een arm 75 procent. Aan de beslissing gaat altijd een medisch onderzoek vooraf. Bij de bepaling van de mate van ongeschiktheid speelt ook mee in hoeverre de verzekerde nog geschikt is voor zijn beroep. De maatschappij mag uitgaan van de geschiktheid voor een ander passend beroep als hij zijn huidige beroep niet meer kan uitoefenen. Duurt het langer dan een jaar voordat de mate van invaliditeit is vastgesteld, dan heeft de verzekerde recht op vergoeding van rente. Als de verzekerde al invalide was ten tijde van het ongeval, dan wordt de uitkering berekend op basis van de mate waarin zijn invaliditeit door het ongeval verergerd is. De verzekerde moet tenminste drie maanden na het ongeval de verzekeraar inlichten dat er iets heeft plaatsgehad dat mogelijk kan leiden tot invaliditeit. Uitkering bij overlijden Voor het overlijden als gevolg van een ongeval wordt bij het afsluiten van de polis een bedrag vastgesteld. Dat bedrag krijgt (krijgen) de nabestaande(n) uitgekeerd als de verzekerde door de gevolgen van een ongeval komt te overlijden. Heeft de verzekerde als gevolg van hetzelfde ongeval al eerder een invaliditeitsuitkering ontvangen, dan wordt die afgetrokken van de overlijdensuitkering. De uitkering komt ten goede aan de partner van de verzekerde. Als die er niet (meer) is, komt de uitkering ten goede aan de overige erfgenamen. De Staat wordt uitgesloten. De verzekeraar moet tenminste 48 uur voor de begrafenis of crematie op de hoogte worden gesteld van het overlijden. De nabestaanden moeten meewerken aan een eventueel onderzoek van de verzekeraar naar de doodsoorzaak. Uitsluitingen De verzekeraar kan een uitkering onder andere weigeren: als de verzekerde het ongeluk zelf heeft uitgelokt; als het ongeluk is veroorzaakt doordat hij een misdrijf pleegde; als het ongeluk het gevolg was van roekeloosheid van de verzekerde; als de verzekerde meedoet aan een gevaarlijke sport zoals motorraces. Beroepssporters kunnen deze verzekering trouwens niet afsluiten; als de verzekerde tijdens het ongeval onder invloed was van drank of drugs; bij een psychische aandoening, tenzij deze duidelijk is terug te voeren op hersenletsel dat tijdens het ongeluk is ontstaan; als het gaat om ingewandsbreuk, spit, hernia en een aantal andere ziekten van de gewrichten of de spieren; bij ziekten die worden overgedragen door insecten; als het ongeval het gevolg was van een niet-noodzakelijke medische behandeling; als het ongeval is veroorzaakt door oorlogshandelingen of een kernreactie; een medische behandeling met radioactief materiaal valt echter wel onder de polis; als de verzekerde een verkeerde voorstelling van zaken heeft gegeven. Plichten verzekerde De verzekerde dient zich na een ongeval direct onder geneeskundige behandeling te stellen en alles in het werk te stellen om zijn herstel te bevorderen. De verzekeraar kan een medisch onderzoek gelasten. De verzekerde is verplicht daaraan mee te werken. De verzekerde is verplicht alle door de verzekeraar verlangde gegevens te verstrekken. Bij vertrek naar het buitenland dient hij de verzekeraar te informeren. Hij dient dat ook te doen als hij een ander beroep kiest. Als dat beroep meer risico's met zich meebrengt dan het oude beroep, mag de verzekeraar de premie aanpassen. De verzekerde mag de verzekering beëindigen als hij niet akkoord gaat met de nieuwe premie. Als het nieuwe beroep in de ogen van de verzekeraar onaanvaardbare risico's met zich meebrengt, mag de verzekeraar de verzekering opzeggen. De verzekerde dient op tijd de premies en bijkomende kosten te betalen. Is hij dertig dagen achter met zijn betalingen, dan kan de verzekeraar de verzekering opschorten. De verzekerde blijft verplicht de achterstallige premie te betalen. Is de achterstand opgelopen tot drie maanden, dan mag de verzekeraar de verzekering beëindigen. De premie wordt jaarlijks opnieuw vastgesteld aan de hand van de index CAO-lonen per maand van het CBS. Die aanpassing kan geen reden zijn om de verzekering op te zeggen. Wel mag de verzekerde opzeggen als de verzekeraar een ander nieuw tarief vaststelt of eenzijdig de polisvoorwaarden wijzigt. De verzekerde heeft in dat geval een maand om op te zeggen. Doet hij dat niet, dan blijft de verzekering automatisch doorlopen. Verder eindigt de verzekering als de verzekerde naar het buitenland verhuist of als hij 65 wordt. Als het contract afloopt, kan de verzekerde de verzekering tot twee maanden voor de vervaldatum opzeggen.
|