Ongevallen inzittendenverzekering van Nationale-Nederlanden
Met de Ongevallenverzekering inzittenden van Nationale-Nederlanden verzekert de bestuurder van een auto zichzelf en zijn passagiers tegen de lichamelijke gevolgen van een ongeval. Die gevolgen kunnen zijn: blijvende invaliditeit of overlijden. De dekking strekt zich ook uit tot ongevallen tijdens het in- en uitstappen, als de inzittende in of naast de auto zit te wachten op hulp bij pech of tijdens het tanken. De auto moet Nederlands zijn (het criterium is dat de auto ‘gewoonlijk in Nederland wordt gestald'). Als de verzekerde tijdelijk in een vervangende auto rijdt, geldt de verzekering nog steeds. Het slachtoffer moet in Nederland wonen en jonger zijn dan 70 jaar. De verzekering is geldig in alle landen • waar uw groene kaart geldig is; • waar u volgens internationale overeenkomst wel verzekerd bent, maar geen groene kaart bij u hoeft te hebben. Die laatste groep landen bestaat uit de landen van Europese Unie, en bovendien Andorra, IJsland, Kroatië, Liechtenstein, Noorwegen en Zwitserland. Het kan gebeuren dat de auto ten tijde van het ongeval meer passagiers vervoerde dan wettelijk mag. In dat geval gaat Nationale-Nederlanden uit van het totaalbedrag waarvoor het legale aantal passagiers zou zijn verzekerd. Dat bedrag wordt gedeeld door het werkelijke aantal passagiers. De uitkomst van die som is wat het slachtoffer maximaal krijgt uitgekeerd. Voor het gemak spreken we hier over ‘de uitkering aan het slachtoffer', maar Nationale-Nederlanden doet alle uitkeringen aan de verzekerde. Is de verzekerde overleden, dan gaat de uitkering naar zijn partner. Is er geen partner (meer), dan gaat de uitkering naar de erfgena(a)m(en). In geen geval gaat de uitkering naar de Staat. Invaliditeit Nationale-Nederlanden hanteert een tabel waarin precies is weergegeven welk percentage van het verzekerde bedrag voor een inzittende wordt uitgekeerd bij verlies of uitval van een lichaamsdeel. Dat varieert van 100 procent voor het verlies van beide ogen tot 3 procent voor het verlies van een teen (de grote teen staat overigens voor 5 procent). De schadevergoeding wordt pas definitief vastgesteld als de medische toestand van het slachtoffer stabiel is. Als dat langer dan een jaar heeft geduurd, vergoedt Nationale-Nederlanden rente. De kosten van een medisch onderzoek ter vaststelling van de precieze schade zijn meeverzekerd. Als de schade niet eenduidig is terug te voeren op verlies of uitval van een lichaamsdeel, kijkt de verzekeraar wat het slachtoffer vóór het ongeluk kon en wat hij daarna kan. Dat verschil is de basis van de uitkering. Voor een postwhiplashsyndroom en/of postcommotioneel syndroom geldt een uitkering van 5 procent van het maximum. Als het slachtoffer ten tijde van het ongeval geen veiligheidsgordel droeg, wordt de uitkering met 10 procent verlaagd. Overlijden De uitkering bij overlijden is in principe steeds 100 procent van de verzekerde som per passagier. Voor personen jonger dan 16 of ouder dan 70 geldt een maximum van 2.500 euro. Het kan gebeuren dat een slachtoffer door een heel andere oorzaak overlijdt vóórdat de omvang van de schade is vastgesteld. In dat geval wordt de uitkering berekend op basis van de graad van invaliditeit die het slachtoffer waarschijnlijk aan het ongeluk zou hebben overgehouden. Uitsluitingen De verzekeraar keert niet uit: • als de schade is veroorzaakt door een atoomkernreactie; • als de schade is veroorzaakt door oorlogshandelingen en onlusten; • als de schade is ontstaan terwijl de auto deelnam aan een snelheidswedstrijd; • als de auto zonder toestemming van de verzekeraar wordt gebruikt als taxi, huurauto of lesauto; • als de bestuurder niet bevoegd was om de auto te besturen (omdat hij bijvoorbeeld geen geldig rijbewijs heeft of hem de rijbevoegdheid is afgenomen); • als de bestuurder drugs of alcohol heeft gebruikt of weigert mee te werken aan een blaasproef; • als de bestuurder geen toestemming van de verzekerde had om in de auto te rijden; • als er opzet in het spel was bij het ongeluk; • als het ongeluk is veroorzaakt door roekeloos gedrag; • als de verzekerde de verzekeraar probeert te misleiden. Afgezien van de twee eerste gevallen keert Nationale-Nederlanden wel uit als het slachtoffer onschuldig of onwetend is, dus als hij bijvoorbeeld: • niet weet dat de bestuurder geen rijbewijs heeft; • niet weet dat de bestuurder onder invloed is; • machteloos moet toekijken hoe de auto wordt gekaapt. Voor schade door terrorisme hebben de gezamenlijke verzekeraars een speciale herverzekeringsmaatschappij opgericht. De uitkering wordt bepaald door het bedrag dat deze maatschappij in kas heeft. Plichten van de verzekerde De verzekerde is verplicht: • het gewond raken of overlijden van een inzittende tijdig te melden en de verzekeraar alle gewenste inlichtingen te verschaffen; • op tijd de premie te betalen. De verzekeraar kan de verzekering opschorten als dat niet gebeurt, maar de achterstallige premie moet nog steeds worden betaald. De verzekerde mag de verzekering opzeggen bij een wijziging van de premie die hoger is dan een normale indexering, of bij beperking van de dekking. Verder mag hij de verzekering opzeggen binnen een maand na het einde van een verzekeringsjaar, maar alleen als hij in dat jaar geen beroep op de verzekering heeft gedaan. Koopt de verzekerde een nieuwe auto, dan wordt de verzekering niet automatisch voortgezet. De verzekeraar bekijkt eerst of voortzetting onder dezelfde voorwaarden en tegen dezelfde premie mogelijk is. Op zichzelf is vervanging van de auto geen reden om de verzekering op te zeggen. Is het voorstel van de verzekeraar niet acceptabel, dan mag de verzekerde dat wel doen.
|