Gouden handdruk

gouden-handdruk

Reorganisatie ontslag

Bij een reorganisatie is het geen uitzondering als een hele groep werknemers collectief ontslag krijgt. Ook bij een fusie tussen twee bedrijven kan dat gebeuren en uiteraard ook bij een inkrimping. Bij een faillissement komt meestal zelfs het voltallige personeel op straat te staan.

Bij een faillissement heeft de curator niet eens een ontslagvergunning nodig om de mensen weg te sturen. Vaak kunnen zelfs de achterstallige salarissen niet uitbetaald worden. Maar zelden krijgen de ontslagenen een ontslagvergoeding mee.
Dat ligt anders bij een reorganisatie of inkrimping. Daarmee hoopt de directie vaak juist een faillissement te voorkomen. Op dat moment kan het bedrijf nog wel wat geld missen.

Als er ontslagen dreigen als gevolg van een reorganisatie of inkrimping, stelt de directie een sociaal plan op. Meestal worden bij dat plan ook de ondernemingsraad betrokken. Als er vakbonden zijn die in het bedrijf een behoorlijke aanhang hebben, mogen zij ook aanschuiven. Dat vergroot het draagvlak voor het sociaal plan. Overigens: ook als de ondernemingsraad niet mee mag doen, heeft die in elk geval wel adviesrecht.

In het sociaal plan zijn de sociale aspecten van de reorganisatie of inkrimping vastgelegd:

  • Welk deel van de inkrimping is te realiseren met natuurlijk verloop en hoeveel mensen moeten echt afvloeien?
  • Wie moeten eruit? Vroeger moesten de mensen die het laatst waren aangenomen als eersten eruit. Tegenwoordig geldt het afspiegelingsbeginsel: uit elke leeftijdsgroep moet een evenredig deel afvloeien. Stel dat in het bedrijf 15 procent van het personeel tussen de 45 en 55 jaar oud is. Dan moet ook 15 procent van de ontslagenen in die leeftijdsgroep vallen.
  • Helpen we de mensen die eruit moeten bij hun pogingen om ander werk te vinden?
  • Wat krijgen de mensen mee bij wie dat niet lukt?

Als de werkgever het goed doet, weet iedereen dus ruim van tevoren waar hij aan toe is. Zelfs de ontslagvergoeding ligt al vast. Als een werknemer vindt dat de gevolgen van het sociaal plan voor hem onevenredig zwaar zijn, kan hij zijn ontslag aanvechten bij de kantonrechter. Ook als hij zijn ontslagvergoeding te laag vindt, kan hij naar de kantonrechter lopen. Als het sociaal plan volgens de regels is opgesteld, moet hij echter wel harde bewijzen hebben dat juist hij onevenredig getroffen wordt, in tegenstelling tot zijn collega’s.
De ontslagvergoeding betekent bij een reorganisatie meestal in aanvulling op de WW-uitkering gedurende een bepaalde tijd na het ontslag.

Vaak helpt de werkgever de afvloeiende werknemers bij het vonden van ander werk. Die hulp kan bijvoorbeeld bestaan uit een sollicitatiecursus of vergoeding van de kosten van omscholing. Soms schakelt de werkgever een professioneel outplacementbureau in. Wie op die manier aan de slag komt, heeft in het algemeen geen recht meer op een ontslagvergoeding. Die is er voor de mensen bij wie dat niet lukt.