Beschikking kantonrechterEen werkgever kan in Nederland op twee manieren het ontslag van een werknemer aanvragen:
Hij moet óf de ene óf de andere mogelijkheid kiezen. Allebei tegelijk kan niet. In de praktijk gaan de zaken waarbij de werknemer boventallig is, meestal naar het CWI. De kantonrechter krijgt de zaken waarbij sprake is van een arbeidsconflict of een slecht functionerende werknemer. Als uw werkgever voor de kantonrechter kiest, krijgt u na een paar dagen een afschrift van het verzoek om ontslag. U mag nu een verweerschrift indienen. Daarin vraagt u twee dingen: Een verweerschrift kunt u beter niet in uw eentje opstellen. Laat een specialist op het gebied van het arbeidsrecht u daarbij helpen. Of uw advocaat natuurlijk. Als u gereageerd hebt, wordt u opgeroepen voor de mondelinge behandeling van uw zaak. Meestal is die tussen vier en zes weken later. Bij de mondelinge behandeling mogen u en uw werkgever bij de kantonrechter hun kant van de zaak toelichten. Meestal hebt u allebei een advocaat, die het woord doet. U zegt alleen iets als de kantonrechter u iets vraagt. Vaak bekijkt de kantonrechter of de partijen alsnog tot elkaar kunnen komen. Lukt dat niet, dan doet hij een week of twee later uitspraak. Die uitspraak heet de beschikking van de kantonrechter. In zijn beschikking geeft de kantonrechter aan waarom de arbeidsovereenkomst al dan niet moet worden ontbonden. Als het verzoek van uw werkgever wordt afgewezen, blijft u gewoon in dienst. Wordt het toegewezen, dan bepaalt de kantonrechter meteen ook de datum waarop de arbeidsovereenkomst eindigt, de ontbindingsdatum. De werkgever hoeft geen rekening meer te houden met een eventuele opzegtermijn.
|
|