Gouden handdruk

gouden handdruk

Berekening ontslagvergoeding

Kunt u zelf een berekening maken van de ontslagvergoeding die een kantonrechter u zou toekennen? Ja, dat kan! Maar besef wel dat er in die berekening een element van onzekerheid zit.

Sinds 1977 gebruiken de kantonrechters de ‘kantonrechtersformule’ om de ontslagvergoeding te berekenen:

A*B*C

A is het aantal gewogen dienstjaren. Dat wordt als volgt bepaald:
• 1 maal het aantal dienstjaren tot het jaar waarin de werknemer 40 werd;
• 1,5 maal het aantal dienstjaren tussen het jaar waarin hij veertig werd en het jaar waarin hij vijftig werd;
• 2 maal het aantal dienstjaren vanaf het jaar waarin hij 50 werd.

Als voorbeeld nemen we een werknemer van 52 met 25 dienstjaren. Dat zijn er:
• 12 vóór het jaar waarin hij veertig werd;
• 10 tussen het jaar waarin hij veertig werd en het jaar waarin hij vijftig werd;
• 3 vanaf het jaar waarin hij vijftig werd.

Dus het aantal gewogen dienstjaren is:

(1*12) + (10*1,5) + (3*2) = 12 + 15 + 6 = 33.

B is het brutomaandsalaris Bij de berekening van het brutomaandsalaris worden het vakantiegeld en eventuele toeslagen meegenomen. Dus bijvoorbeeld ook structureel overwerk.

C is een correctiefactor. In die correctiefactor laat de kantonrechter de schuldvraag en de persoonlijke omstandigheden van de medewerker meewegen:
• Ligt de schuld vooral bij de werkgever en/of kan de werknemer moeilijk een andere baan vinden, dan betekent dat een hoge correctiefactor.
• Ligt de schuld vooral bij de werknemer en/of is het hem niet al te moeilijk om een andere baan te vinden, dan betekent dat een lage correctiefactor.
• De correctiefactor 1 is neutraal.

In de praktijk ligt de correctiefactor meestal tussen 0,5 en 2, al komen uitschieters naar boven en naar beneden voor.

We geven twee voorbeelden. Het eerste voorbeeld is de medewerker van daarnet, van 52 met 25 dienstjaren. We gaan uit van een brutomaandsalaris van 4.000 euro en een correctiefactor 0,8. Dan wordt zijn ontslagvergoeding:

aantal gewogen dienstjaren * brutomaandsalaris * correctiefactor, ofwel:

33*4.000*0,8 = 105.600 euro.

We nemen als tweede voorbeeld een werknemer van 48 met 13 dienstjaren. Het aantal gewogen dienstjaren is:
• 4 vóór het jaar waarin hij veertig werd;
• 9 vanaf het jaar waarin hij veertig werd.

Dus het aantal gewogen dienstjaren is:

(4*1) + (9*1,5) = 4 + 13,5 = 17,5

We nemen aan dat hij 4.800 euro bruto per maand verdient en dat de kantonrechter uitkomt op een correctiefactor 1,5.
Dan wordt zijn ontslagvergoeding:

aantal gewogen dienstjaren * brutomaandsalaris * correctiefactor, ofwel:

17,5*4.800*1,5 = 126.000 euro.

De correctiefactor is altijd de onzekere factor. U maakt een schatting en de kantonrechter kan het heel anders zien. Maar als u zich maar realiseert dat het om een schatting gaat, is een berekening van de ontslagvergoeding goed mogelijk.

Wordt het echt menens en moet u uw ontslagvergoeding bevechten bij de kantonrechter, neem dan altijd een deskundige advocaat mee. Die zal proberen er voor u het maximaal mogelijke uit te slepen.